Bericht van Sò

De stad Babel voelt klam. Achter de brede heuvels zakt de zon in zee. Druppels vallen uit de lucht en toch nergens een wolk aan de hemel. De anorexia bedelaars zijn uit het centrum verdwenen en hebben zich teruggetrokken met hun slaapzakken in smerige en donkere portieken tussen opgedroogd spuwsel. Ik dwaal over glimmende kinderkoppen, langs haveloze gevels, legen winkels, langs onbewoonbare paleizen en drentel om de grootste fontein van de stad, omzoomd door omhoog schietende dadelpalmbomen. Ben in mijn sas. Plotseling zinken de waterstralen van de fontein ineen. Wat een stilte. Om mij heen niemand. Niets ademt, alleen ik. Het plein glimt van de keien, de stad ligt — dit maal gebruik ik het woord — in mijn ziel. Zijn het drogbeelden? Waar zit de verwarring, die, verscholen in mijn hoofd, goed oplet als ik mijn hersens gebruikt.

 

Uit het boek Sò en de Kolonel. Robert Kruzdlo 2021 Andalusia.

Niet ver van deze straat woonde Sò.